Aangifte tegen Amsterdamse agent vanwege discriminatie

Politieagent schreeuwde 'varken!' tegen arrestant

maandag 9 september 2019

Algemeen
Iedereen die kennis heeft van een strafbaar feit kan daarvan aangifte doen. Dat staat in artikel 161 van het Wetboek van Strafvordering. Vandaag deed een getuige aangifte van discriminatie door de politie in Amsterdam.

Wat is er gebeurd?
Op dinsdag 3 september 2019 was een vrouw in Amsterdam toeschouwer van een aanhouding. Tijdens de aanhouding werd de man, licht getint uiterlijk en met een donkere baard, herhaaldelijk uitgemaakt voor varken. De man was geboeid en er waren vijf agenten aanwezig. De vrouw fietste door en keerde 30 seconden later terug om te filmen wat er gebeurde. De man had inmiddels een hoofdwond en hij lag bewusteloos op de grond (video). Even later werd hij, nog steeds helemaal buiten bewustzijn, in de politiebus gezet. Zelfs als de man zich heeft verzet bij de arrestatie, maken wij ons op basis van het getuigenverslag zorgen over het toegepaste geweld.

De vrouw deed vandaag aangifte bij de politie van wat zij gezien heeft. Het maken van een afspraak verliep goed. Zij werd bij het doen van de aangifte serieus genomen. Hieronder volgt haar verslag.

Getuigenverslag
"Ik fietste langs, een man werd terwijl hij geboeid was door 5 agenten de straat op werd gevoerd, de man stond op zijn benen. Terwijl dit gebeurde riep één (of meerdere) van de agenten herhaaldelijk hard en fel ‘varken! Varken!’ tegen de man, zeker vier keer. De man was licht getint, hij had een kaal hoofd en een donkere baard. Ik schatte hem in op rond de 30 jaar. Ze duwden hem tegen de glazen wand van het gebouwtje van de rondvaartboten. Ik fietste verder, maar ik vond het vreemd en draaide na een paar meter verder toch weer om. Er zat ongeveer 30sec tussen dat ik weer terug was bij de arrestatie.

Toen ik aankwam zag ik de man half rechtop op de grond zitten en buiten westen gaan op de stoep. Hij had een kleine, maar verse hoofdwond op zijn kale hoofd. De agenten probeerden hem bij kennis te brengen door hard op een bepaalde plek in zijn nek te drukken. Hij kwam half bij en ze riepen tegen hem: ‘is dit wat je wilde? Is dit wat je wilde?’ Ik begon te filmen (maar bleek niet goed op REC te hebben gedrukt). De man ging weer buiten westen. Één van de politiemannen kwam op me af, ging heel dicht op me staan en sommeerde me om te stoppen met filmen. Ik antwoorden dat ik mocht filmen en dat ik dit graag even wilde filmen. Hij deed een paar stappen naar achteren. Ik vroeg hem of hij me wilde vertellen wat hier gebeurde. Hij keek zwijgend van me weg.

De man bleef tollen met zijn hoofd en bleef bewusteloos. Ik stopte met filmen (of dacht dat ik stopte, want had dus niet goed op REC gedrukt). Ik werd opzij gemaand door een andere agent, ik dacht dat het was omdat hij me weg wilde hebben, maar er kwam achter mij een politiebusje het fietspad oprijden. Mijn fiets werd hardhandig door de agent uit mijn handen gepakt en opzijgezet. Hij vorderde mij opzij te gaan. Ik begon opnieuw te filmen en filmde hoe ze de slappe, bewusteloze man het politiebusje in hesen.

Ik stopte met filmen. De politieman die mijn fiets opzij had gezet kwam naar me toe om de situatie uit te leggen. Hij vertelde dat de man op een rondvaartboot dingen had vernield en mensen had lastiggevallen en van de boot gehaald moest worden. Deze agent bevestigde dat ze de man hadden uitgescholden voor ‘varken’ en beaamde dat dat misschien niet een goede keuze van hun kant was. De agent die eerder had gezegd dat ik moest stoppen met filmen kwam erbij staan en zei dat hij echt niet hierover in discussie wilde gaan. Ik zei dat ik het problematisch en onprofessioneel vond om agenten een man voor ‘varken’ uit te horen schelden. Hij zei dat hij niets had gehoord. Ik confronteerde hem dat zijn collega’s net hadden bevestigd dat de man voor varken was uitgemaakt. Ik vroeg hoe ik verdere informatie over het vervolg van deze arrestatie kon krijgen. Ze zeiden dat ik met de plaats en het tijdstip van de arrestatie naar de politie kon bellen.”

Tijdens de aangifte, gedaan op maandag 9 september 2019, zei de dienstdoende agent dat de man op het bureau behandeld is door opgeroepen ambulancepersoneel en dat zijn hoofdwond gehecht is.