Etnisch profileren in Nederland: wat weten we nou echt? (2014)

In dit artikel onderzoeken de schrijvers wat we kunnen zeggen over etnisch profileren: wat weten we nou eigenlijk zeker?

Ze willen twee zaken duidelijk maken. “Ten eerste dat dergelijke stellige conclusies en waarschuwingen niet worden gedragen door het bestaande onderzoek. En ten tweede dat etnisch profileren toch een belangrijk thema is voor de politie.”

In hun slotoverweging schrijven ze: “uit het Haagse onderzoek blijkt dat het gevoel dat de politie etnisch profileert breed wordt gedeeld door de bevraagde jongvolwassenen en dat dit beeld deels ook leeft onder politieagenten. Onderzoek in Nederland onderbouwt dat veel minder, hier lijkt toch echt een verschil te zijn met veel onderzoek uit Angelsaksische landen dat vaak klakkeloos naar Nederland wordt vertaald. Agenten zijn zich er namelijk tegelijkertijd ook zeer bewust van dat ze worden aangekeken op mogelijke discriminatie en dat ze daarvoor moeten uitkijken. Ook zijn velen zich bewust van de verhoudingen in de wijken die van belang zijn voor het eigen werk. Jarenlange ervaring met community policing en wijkgebonden werken heeft daar zeker mee te maken. Het feit dat Nederland tot op heden relatief weinig te maken heeft gehad met rellen vanuit groepen met een migrantenachtergrond zoals we kennen uit bijvoorbeeld Engeland en Frankrijk verklaren Adang, Van der Wal en Quint (2010) uit de traditioneel goede verbindingen met de samenleving en de wijk die de Nederlandse politie heeft.

Een belangrijke complicatie bij politiebeslissingen in de praktijk wordt volgens ons gevormd door de hoge criminaliteitscijfers van bepaalde groepen die als ervaringskennis dienen om meer te letten op personen met een (bepaalde) migrantenachtergrond. Agenten verwijzen daar veel naar, ook in onze interviews in Den Haag (Van der Leun et al. 2014). Daar komt de complicatie bij dat de politie traditioneel erg sterk gericht is op straatcriminaliteit, (waarin daders met een migrantenachtergrond zijn oververtegenwoordigd) en op minder welvarende wijken (waar veel migranten wonen).

Zelfs al is het zo dat de politie op grond van ervaringskennis of criminaliteitspatronen van migrantengroepen vaker terecht iemand staande houdt, het aantal onterecht staande gehouden personen met dezelfde kenmerken wordt daarmee ook onaanvaardbaar hoog (vgl. Bovenkerk 2014). Dat speelt ongetwijfeld een rol in de de perceptie van discriminatie en de negatieve ervaringen die minderheden rapporteren (SCP 2014). “

Dit artikel staat op “de website voor de politie” (link) en werd gepubliceerd op 7 november 2014.

Download
« Meer dossiers